Alles wat je wilt weten over vroeger

Industriële Revolutie

De uitvinding van de stoommachine in 1769 zorgde ervoor dat de industriële revolutie begon. Deze machine maakte gebruik van stoom om allerlei andere machines, zoals spinmachines en weefmachines, aan te drijven. Hierdoor konden er veel meer spullen in veel kortere tijd gemaakt worden dan daarvoor, toen er nog veel met de hand gemaakt werd of door machines die werden aangedreven door watermolens, windmolens of paarden.

Grote fabrieken vervingen in een korte tijd alle kleine en ambachtelijke werkplaatsen. De massaproductie zorgde voor grote prijsdalingen, waardoor mensen zich ineens steeds meer producten konden veroorloven. Maar tegelijkertijd ontstond er grote werkloosheid omdat de mensen werden vervangen door machines.

Veel arbeiders trokken van het platteland naar de steden waar de fabrieken stonden, die hierdoor enorm snel groeiden. De nieuwe sociale klasse die deze mensen vormden werd het proletariaat genoemd. Ze woonden dicht op elkaar in vieze krottenwijken tussen de rookwolken en het afval van de fabrieken.

Het werken in de fabrieken was geen pretje. De werkomstandigheden waren zwaar, de dagen lang en de lonen laag. Om toch genoeg geld te verdienen moesten ook de vrouwen en kinderen meewerken in de fabriek.  Veel kinderen gingen daarom niet meer naar school.

Fasen

De industriële revolutie gebeurde in verschillende fasen. Iedere fase heeft zijn eigen kenmerken en uitvindingen.

De eerste fase

  • Gietijzer: De uitvinding van de hoogoven en de stoommachine zijn de belangrijkste uitvindingen voor het begin van de industriële revolutie. Met de hoogoven kon gietijzer gemaakt worden, wat een stuk sterker is dan het ijzer dat ervoor werd gemaakt in de laagovens.
  • Stoommachine: Zoals je hierboven al hebt kunnen lezen zorgde de stoommachine voor het ontstaan van grootschalige fabrieken en was dit de echte drijver van de revolutie.

De tweede fase

  • Staal: In 1879 lukte het de mensen om staal te maken, een metaal dat nog veel sterker was dan gietijzer en ook nog eens veel lichter. Dit maakte het een stuk makkelijker om producten en machines van goede kwaliteit te maken
  • Elektriciteit: Stoommachines werden vervangen door elektriciteit, wat een stuk makkelijker te vervoeren is, goedkoper en veiliger. Hierdoor konden er ook lampen gebruikt worden, waardoor de mensen niet meer afhankelijk waren van zonlicht en dus langer konden werken in de fabrieken.
  • Aardolie: Dankzij aardolie kon de automotor ontwikkeld worden, wat natuurlijk erg belangrijk was omdat mensen zich hierdoor makkelijker en sneller over langere afstanden konden verplaatsen. Maar ook werd het plastic uitgevonden, wat gemaakt wordt van aardolie.

De derde fase

De derde fase is nog niet zo heel lang geleden begonnen met de uitvinding van nieuwe communicatievormen zoals de telefoon, televisie en computer. Hierdoor kan iedereen over de hele wereld informatie met elkaar delen en is de globalisering ontstaan. Aan het begin van het nieuwe millenium gaat de ontwikkeling weer ineens heel snel doordat er steeds meer met het internet wordt gedaan. Daarom wordt de tijd waarin we nu leven ook wel de digitale revolutie genoemd.