Begin van de Tweede wereldoorlog:
Op 1 september 1939 viel Duitsland Polen binnen.
Frankrijk en Engeland verklaarden nu de oorlog aan Duitsland. Nederland wilde
zich niet bemoeien met de oorlog, net zoals dat gelukt was in de Eerste Wereldoorlog.
Het bleef dus "neutraal". Het Nederlandse leger werd wel
gemobiliseerd. Dat betekent dat het Nederlandse leger alles in orde
maakte voor het geval dat ons land toch werd aangevallen.
Op 10 mei 1940 vielen de Duitsers ons
land binnen. Hoewel we al eens gewaarschuwd waren voor een inval van de Duitsers,
was ons land toch verrast. De Duitsers hadden veel modernere en nieuwere wapens
als de Nederlanders. Die hadden al een hele tijd geen oorlog meer gehad en
hadden weinig geld betaald voor nieuwe wapens. Hitler had een slim aanvalsplan
: De vliegtuigen vlogen gewoon over de Nederlandse soldaten heen. Uit de vliegtuigen
sprongen dan parachutisten, Duitse soldaten. Deze soldaten moesten bruggen
of vliegvelden veroveren, of moesten proberen om de Nederlanders van achteren
aan te vallen. Ook hadden tientallen Duitse soldaten de opdracht om de Nederlandse
regering gevangen te nemen. Hitler had zijn aanval goed voorbereid en dacht
dat Nederland in 1 dag veroverd zou worden.
Koningin
Wilhelmina en de regering vonden dat ze geen andere keuze hadden dan te vluchten
naar Engeland. Daar zaten ze voorlopig veilig en vanuit Engeland konden ze dan
toch nog ons land besturen en zich verzetten tegen de Duitsers. Toen het Nederlandse
volk hoorde, dat de koningin gevlucht was, waren velen boos. Ze vonden dat de
koningin ze in de steek had gelaten. Het Nederlandse leger probeerde zich te
verzetten tegen de opkomende Duitse tanks. Veel land werd onder water gezet,
zodat de tanks er niet meer door konden. Dijken werden doorgestoken, zodat het
land volstroomde met water.
Hier
spreekt Koningin Wilhelmina voor Radio Oranje vanuit Engeland. Klik
op haar foto om haar eerste uitzending te horen.
Hitler had Nederland onderschat. Hij had gedacht Nederland te veroveren binnen
1 dag, maar het duurde nu al een paar dagen ! Op sommige plekken, zoals op de
afsluitdijk, bleven de Nederlanders doorvechten en gaven niet op. Hitler stelde
op 14 mei een ultimatum. Een ultimatum is een soort belofte : Als Nederland
zich niet binnen 2 uur zou overgeven, dan zou Hitler de stad Rotterdam met bommenwerpers
(vliegtuigen) bombarderen (kapot maken). Dan zouden er duizenden burgers sterven.
Koningin Wilhelmina had geen keuze, na lang aarzelen ondertekende ze een brief
waarin stond dat Nederland zich over gaf. ( = capitulatie van Nederland)
Maar ondanks deze verklaring werd de stad Rotterdam toch nog gebombardeerd.
! Waarom weten we niet precies. Misschien was het een experiment, omdat er nog
nooit een stad zo erg gebombardeerd was. Niet heel Nederland had zich over gegeven
op die 14 e mei. De provincie Zeeland vocht nog even door. In die provincie
zaten nog veel Engelsen en Fransen en die konden zo nog vluchten. Maar op 17
mei had Hitler geen geduld meer. Op die vrijdag liet hij de stad Middelburg
bombarderen. Die dag staat bekend als de "Vreselijke Vrijdag". Na dit
bombardement gaf ook Zeeland zich over. De oorlog had precies 1 week geduurd.

Op
17 mei 1940 werd de stad Middelburg gebombardeerd. (zie foto onder) Vrijwel
het gehele centrum van Middelburg lag in puin. Na deze Duitse actie gaf ook
Zeeland zich over.
Er
vielen tijdens de aanval op Nederland 5.000 Nederlandse doden. Ongeveer de helft
daarvan waren burgers. Tijdens het bombardement van Rotterdam (zie foto boven)
vielen ongeveer 1.000 doden. Utrecht zou de volgende stad zijn geweest die gebombardeerd
werd, maar Generaal Winkelman gaf zich over
Nu Nederland bezet was door de Duitsers, kreeg ons land
ook een Duits bestuur. Hitler stelde een Rijkscommissaris aan. Hij moest voor
Hitler ons land besturen. Het werd de Oostenrijker Seyss - Inquart (spreek
uit : Sijs Inkwart) Hij was een soort premier. (eerste en belangrijkste minister)
Verder werden er nog 4 ministers aangesteld, die allen hun eigen taken hadden.
Er was 1 groep die teleurgesteld was. Dat was de N.S.B. De N.S.B. betekent
: Nationaal - Socialistische Beweging. Het was een soort politieke partij die
dezelfde ideeën had als Hitler. De leider van die partij was Anton Mussert.
Hij had natuurlijk gehoopt dat hij in het bestuur zou komen van ons land, maar
dat gebeurde niet.
Seys-Inquart
had bij de Nederlanders de bijnaam "Zes-en-een-kwart" Hier toont hij
de "hitlergroet" Tijdens de bezetting van Nederland was hij in dienst
van Hitler, de baas. Na de oorlog werd hij ter dood veroordeeld.
De NSB werd opgericht in 1931 door Anton Mussert. Deze partij had min of meer
dezelfde ideeën als de partij van Hitler, de NSDAP.
Anton
Mussert, leider van de NSB. Op 7 mei 1945 werd Mussert in het bevrijde Den Haag
gearresteerd en wegens landverraad en hulpverlening aan de vijand doodgeschoten.
In het begin had Hitler de opdracht gegeven om de Nederlanders
netjes en vriendelijk te behandelen. De Nederlanders behoorden ook tot het Arische
(Germaanse) ras. Hij wilde geen problemen in Nederland. In het eerste jaar was
dus weinig te merken van de bezetting. Het gewone leven ging weer zijn gangetje.
De Nederlandse krijgsgevangenen (soldaten) die opgepakt waren, werden zelfs
weer naar huis gestuurd ! Het nieuwe bestuur voerde een paar nieuwe dingen in
:
· Iedereen was verplicht een persoonsbewijs bij te hebben (paspoort)
· Alle politieke partijen (behalve de NSB) werden verboden
· Censuur ( = Duitsers controleren wat er op de radio en in de kranten
verteld wordt)
· Er werd een avondklok ingesteld. (Na een bepaalde tijd mocht je 's
avonds niet meer buiten komen. Alles moest verduisterd zijn, er mocht geen licht
naar buiten schijnen.
· Ariërverklaring : Alle mensen die voor de regering werkten (ambtenaren)
moesten opschrijven wie hun (voor)ouders waren. Zo konden de Duitsers zien wie
er een Jood was en wie niet. Uiteindelijk werden alle Joden ontslagen.
· Uitbreiding van de distributie. Doordat ons land bezet was, was er
minder handel met andere landen. Bepaalde produkten werden schaars, zoals medicijnen
en dingen van ijzer. Om te zorgen dat iedereen evenveel kon krijgen, werden
er distributiebonnen uitgedeeld. Met deze bon en eigen geld kon ieder gezin
aan de schaarse produkten komen.
· Veel Joden moesten verplicht verhuizen naar Amsterdam. Daar werden alle Joden
in woonwijken bij elkaar gestopt. De Duitsers stelden een Joodse Raad
in. De Joodse Raad moest lijsten maken van alle Joden die er waren. Later zouden
deze lijsten gebruikt worden om de Joden af te voeren naar de concentratiekampen,
waar ze bijna allemaal vergast werden.

Om
alle schaarse producten eertlijk te verdelen onder de bevolking werden er distributiebonnen
uitgedeeld. Met zo'n bon kon je een bepaald product kopen. Onderduikers (mensen
die zich verstopt hadden voor de Duitsers) kregen natuurlijk geen bonnen van
de Duitsers. Daarom moesten soms distributiekantoren overvallen worden. De bonnen
werden dan gestolen voor de mensen die ondergedoken zaten.
Tijdens de Duitse bezetting waren alle mensen verplicht een persoonsbewijs (paspoort)
bij zich te hebben. Zo konden Duitse agenten iedereen op straat controleren
als ze dat wilden. Had je je persoonsbewijs niet bij je, dan werd je opgepakt
en liep je het risico om naar een werkkamp gestuurd te worden. In het persoonsbewijs
van Joodse mensen stond dat zij joods waren.
Sommige
mensen maakten nep-persoonsbewijzen om de joden te helpen. Deze mensen zaten
in het verzet en deden erg gevaarlijk werk. Er stond de doodstraf op.
Hiernaast een afbeelding van de Breestraat in Amsterdam. De Duitsers wilden
dat alle joden bij elkaar kwamen wonen in grote woonwijken. In die woonwijken
mochten alleen maar joden komen. In zo'n wijk werd de "Joodse Raad"
ingesteld. Deze mensen moesten voor de Duitsers namenlijsten maken van alle
Joden. Deze lijsten werden later gebruikt om alle joden te vervoeren naar de
concentratiekampen. Bijna alle joden zijn daar omgekomen.
Door
de censuur werden in 1941 alle radiostations en kranten verboden, of ze werden
gecontroleerd door de Duitsers. Zo werden er alleen maar goede dingen over de
Duitsers verteld. Om toch goed op de hoogte van de oorlog te blijven kwamen
er allerlei illegale (verboden) krantjes, zoals Het Parool, Trouw, Vrij Nederland
en De Waarheid. De namen van deze kranten zeggen natuurlijk al voldoende ! Bijna
al deze kranten bestaan vandaag nu nog. De krantjes werden met de hand gedrukt,
omdat het drukken met machines te veel lawaai maakte.
De Nederlanders kwamen in het begin niet in opstand tegen
de Duitsers. Pas in februari 1941 kwam de eerste staking, die de "februari
- staking" genoemd wordt. Er werd gestaakt in het openbaar vervoer ( = bus,
trein, metro e.d.) in Amsterdam, omdat veel Nederlanders het niet eerlijk vonden
dat de Joden zo slecht werden behandeld.

Hiernaast
zie je "de dokwerker", een monument ter herinnering aan de
februaristaking van 1941. Voor het eerst was er een staking tegen de
Duitsers. Op 19 febr. 1941 deed een Duitse politiepatrouille een overval op
een ijssalon met een joodse eigenaar; deze verdedigde zich met ammoniakgas.
Als represaille (tegenmaatregel) werden door de Ordnungspolizei(Duitse politie)
op 22 en 23 febr. 425 joodse 'gijzelaars' gearresteerd. Dit was de directe aanleiding
tot de Februaristaking, die door de partijleiding van de (sinds juli 1940 illegale)
Communistische Partij werd uitgeroepen voor 25 en 26 febr. Deze had binnen enkele
uren een bijna volledig succes. Van Amsterdam sloeg zij over naar een aantal
bedrijven in Haarlem, de Zaanstreek en het Gooi. Jaarlijks wordt de februaristaking
in Amsterdam herdacht.
Periode februari 1941 - april 1943
De Duitsers hadden de staking van 1941 niet verwacht. Ze besloten nu harder
op te treden tegen de Nederlanders. In deze periode werd Nederland georganiseerd
zoals dat in Duitsland gebeurde. Alle kranten werden verboden. Er kwam een Rijksradio
- omroep, waar alleen maar goede dingen over de Duitsers te horen waren. Het
was verboden om naar radioprogramma's te luisteren uit andere landen. Alle vakbonden
werden opgeheven.Een vakbond is een organisatie van mensen uit 1 beroep. Nu
konden werknemers (mensen die werken) niet zo snel meer in opstand komen. Er
kwam voor alle beroepen samen 1 vakbond, de Kultuurkamer, die natuurlijk
onder Duitse leiding stond. Het gemeentebestuur en het provinciale bestuur werd
afgeschaft. Omdat de Duitsers te weinig mensen hadden om in de Duitse oorlogsfabrieken
te werken, had Hitler extra mensen nodig om te werken in de Duitse wapenfabrieken.
Daarom stelde hij een verplichte arbeidsdienstplicht ("arbeidseinsatz")
in van 6 maanden. Iedere jongen vanaf 18 jaar was verplicht om een half jaar
te werken in de Duitse fabrieken. Nu waren de Nederlanders weer ontevreden.
Vele Nederlandse jongens moesten ook onderduiken (zich verstoppen voor de Duitsers),
net zoals de Joden. De Joden liepen het gevaar om opgepakt te worden en naar
een concentratiekamp te worden gestuurd. En de Nederlandse jongens wilden niet
in de Duitse fabrieken werken. Opnieuw brak er een staking uit, vooral in het
noorden en het oosten van het land. Het wordt de "April / mei staking"
genoemd. (1943)


De
Duitse bezetter liet duidelijk merken dat joodse mensen niet welkom waren. Iedere
jood moest een gele jodenster zichtbaar op de kleren dragen. Zo kon iedereen
op straat zien dat je joods was.
Veel
Nederlanders kregen een hekel aan de NSB 'ers. De NSB 'ers kozen de kant van
de Duitsers en ze waren ook tegen de Joden. Het was zeer gevaarlijk om een onderduiker
in huis te hebben, want een NSB ' er hield je misschien in de gaten, en kon
je dan verraden. Als je gepakt werd, werd je zelf ook doodgeschoten. De meeste
mensen deden trouwens niets tegen de Duitsers. Van de 100 mensen was er ongeveer
maar 1 die echt in het verzet zat. Er zijn 2 soorten verzet :
· Passief verzet : Je verzet je tegen de Duitsers, maar niet met het
gevaar voor je eigen leven. Voorbeelden: Een Duitser die de weg vraagt de verkeerde
kant opsturen of een Duitse autoband lek steken. Dit soort verzet was niet georganiseerd
en het was niet echt gevaarlijk.
· Actief verzet : Je verzet je tegen de Duitsers met gevaar voor eigen
leven. Voorbeelden : Een Duitser doodschieten, een distributiekantoor overvallen
en bonnen meenemen (die dan voor de ondergedoken Joden waren) , hulp en onderdak
geven aan onderduikers of wapens smokkelen. Dit soort verzet was een beetje
georganiseerd, maar zeer gevaarlijk. Als je mee wilde helpen of mee moest helpen
met de Duitsers, noem je dat collaboratie. Collaboratie is dus gedwongen
samenwerken of vrijwillig samenwerken met de Duitsers. De NSB 'ers waren mensen
die vrijwillig samenwerkten met de Duitsers. Toch was er ook sprake van gedwongen
samenwerken. Als je burgemeester was van een dorp of stad, moest je soms wel
de dingen doen die de Duitsers vroegen. Als je dat niet deed, werd er misschien
wel een NSB- 'er de nieuwe burgemeester en werd het alleen maar erger !

Periode : mei 1943 - september 1944 Na de staking in 1943
gingen de Duitsers opnieuw harder optreden. De "Arbeidseinsatz" (arbeids inzet)
in Duitse fabrieken werd strenger gecontroleerd. De Duitsers werden steeds onvriendelijker
en strenger. Steeds meer producten, zoals sigaretten, werden schaars. Van 3
sigarettenpeuken maakte men weer een nieuwe sigaret. Er kwamen allerlei vervangingsmiddelen,
die leken op het oude product. Inmiddels was ook Amerika bij de oorlog betrokken
geraakt en er was goede hoop, dat de bevrijding snel nabij was. Op 6 juni 1944
( = D Day) kwamen de Amerikanen, Engelsen en Canadezen aan wal in Normandie
(ligt in Frankrijk) De aanval op Duitsland en de bevrijding zou snel volgen.
Veel NSB 'ers raakten in paniek. Wat zou er met hen gebeuren als Nederland bevrijd
was ? In paniek vluchtten vele NSB 'ers op 5 september 1944 weg. Het wordt de
"Dolle dinsdag" genoemd. De Duitsers zagen hun verlies nog niet in. Ze werden
alleen maar harder en strenger. Steeds meer Joden werden afgevoerd naar de concentratiekampen.
Er was ook een concentratiekamp in Nederland, bij het plaatsje Westerbork. Maar
daar werden geen Joden vergast, het was een soort tussenstation. Vanuit Westerbork
vertrokken weer andere treinen, die de Joden naar andere concentratiekampen
vervoerden. Op 17 september probeerden de Geallieerden ( Dat zijn de bevrijders
: Amerikanen, Canadezen, Engelsen en Fransen) Nederland te bevrijden. Alleen
het zuiden van ons land werd bevrijd. Boven de grote rivieren bleven de Duitsers
de baas. De Nederlanders in het noorden van ons land waren bang dat er snel
meer Duitse soldaten zouden komen om de riviergrens te versterken. Daarom brak
er weer een staking uit. Een spoorwegstaking. Doordat de treinen niet meer gingen,
konden er niet zo snel nieuwe Duitse soldaten naar ons land toe komen. Periode
september 1944 tot mei 1945 : De hongerwinter in het noorden en in de Randstad.
De Duitsers hadden een plan bedacht om de Nederlandse spoorwegstaking te straffen.
Er mochten nu geen treinen meer rijden. Dat betekende dat er vooral in de steden
een enorm tekort aan voedsel kwam. Alle winkels waren snel leeg en het was ook
nog eens een strenge winter ! Er was ook een gebrek aan brandstof. Veel mensen
trokken met hun spullen naar het platteland in de hoop daar voedsel te kunnen
vinden. Duizenden mensen kwamen om van de honger. Die winter staat daarom bekend
als de "Hongerwinter" De razzia's (het oppakken van mensen zonder reden) ging
gewoon door. De Geallieerden probeerden iets aan het voedseltekort te doen.
Op 29 april 1945 lieten vliegtuigen voedselpakketten vallen. Op 5 mei lukte
de Geallieerden het om heel Nederland te bevrijden. Iedereen vierde deze "bevrijdingsdag"

Hier
zie je een deportatie. Een grote groep joden wordt in het kamp Westerbork op
de trein gezet naar het kamp "Auschwitz". Soms zaten er wel 100 mensen
in 1 coupé. De trein was dan een paar dagen onderweg. In de coupé
was het helemaal donker. Je had geen plek om te zitten en je green geen eten
of drinken. Je kon niet naar de wc, dus je moest het gewoon in de coupé
doen. Als de treinen aangekomen waren, waren er al een aantal dood. Alle mensen
in deze trein zijn omgekomen in Auschwitz.
Westerbork
was behalve een doorvoerskamp ook een werkkamp. Het werken was zwaar en velen
stierven door vermoeidheid of uitputting. Ter nagedachtenis aan deze overleden
mensen en de joden die hier op de trein werden gezet, zie je hiernaast een monument
uit 1970. Het staat aan het bospad bij het voormalige (vroegere) kamp Westerbork.
Links:
het kamp Westerbork in 1944.
Rechts: hoe het gebied er uit zag in 1983.
In
september 1944 probeerden de geallieerden (Amerikanen, Canadezen en Engelsen)
Nederland te bevrijden. In London, waar koningin Wilhelmina en haar regering
zat, werd opgeroepen tot een spoorwegstaking. Als er geen treinen meer
reden, konden er ook geen extra Duitse soldaten naar Nederland toe. De bevrijding
van Nederland ging niet goed. Alleen het zuiden van Nederland werd bevrijd.
De Duitsers hielden stand bij de rivieren. Het gestreepte gedeelte van Nederland
bleef dus bezet. De Duitsers waren woedend over de spoorwegstaking. Er werd
besloten dat er geen treinen meer zouden rijden. Dit betekende vooral honger
in de grote steden.

Er
kwam in de winter van 1944-1945 een "hongerwinter". Mensen dachten
alleen maar aan eten. Sommige mensen trokken weg uit de stad op zoek naar het
platteland. Daar was nog iets eetbaars te vinden. Gepakt met wat spullen en
op een fiets met houten banden trokken ze weg. Sommige ruilden al hun bezittingen
om voor een paar kilo aardappels ! En wat te denken van de onderduikers ?
De
hongerwinter was verschrikkelijk. Duizenden mensen stierven van de honger of
van de kou. Er stierven in dat deze periode meer mensen dan in vorige jaren.
Er werden meer joden gedeporteerd. Rechts: dit Engelse vliegtuig laat voedselpakketten
vallen om de steden te helpen.
Op
5 mei 1945 werd ook het noorden van Nederland bevrijd. De geallieerden werden
als helden ontvangen. Iedereen was op straat en vierde feest. Veel mensen van
de NSB waren al eerder vertrokken, omdat ze bang waren. De Amerikanen deelden
sigaretten, chocola en kauwgum uit. Ieder jaar vieren we de bevrijding nog steeds
op 5 mei. De avond daarvoor herdenken we de slachtoffers van "de oorlog".
Het
was tijdens de bevrijding niet voor iedereen feest. Hier zie je 2 jonge vrouwen
die worden kaalgeschoren. Alle mensen staan lachend toe te kijken. Wat is er
aan de hand ? Deze jonge vrouwen hadden een relatie gehad met een Duitser of
hadden een kind van een Duitser. Ze werden nu belachelijk gemaakt. Na de oorlog
werden "moffenkinderen" (kinderen van een Duitse vader of moeder)
veel gepest en getreiterd. De Nederlandse regering had gevraagd zelf geen wraakacties
te nemen tegen mensen die "fout" waren geweest tijdens de oorlog.